Als je tegen een appelboom zegt: eerst geef je mij vruchten en dan pas geef ik je water of tegen een auto zegt: eerst rijdt jij mij naar die plaats en pas dan krijg je benzine dan vinden we dat vreemd en dan klopt het niet. Waarom zeggen we dan tegen mensen: Eerst ga je werken en dan pas krijg je geld?
In alle drie de gevallen draait het om essentiële afhankelijkheid
De vergelijking lijkt in eerste instantie logisch: zowel de appelboom, de auto als de werknemer leveren iets op basis van een voorwaarde. Maar er zijn een paar nuances die het verschil maken:
Natuurlijke versus menselijke systemen
Een appelboom groeit en draagt vrucht door een natuurlijk proces. Hij heeft water nodig als basisvoorwaarde om überhaupt te kunnen produceren. Een auto werkt op een heel ander principe: het is een machine die pas functioneert als de brandstof al is geleverd. Mensen functioneren echter in een economisch systeem waarin waarde wordt uitgewisseld, vaak in de vorm van arbeid tegen geld.
In onze samenleving is geld een ruilmiddel dat symbool staat voor waarde. Werk is niet alleen een mechanisch proces (zoals een auto die rijdt) maar een activiteit waarbij mensen vaardigheden, creativiteit en inspanning inzetten om iets te produceren. Werkgevers betalen voor een geleverde prestatie, niet simpelweg voor iemands aanwezigheid of potentie.
Stel dat we mensen eerst geld geven en daarna vragen om te werken: dat zou een systeem vereisen waarin er absoluut vertrouwen is dat het werk daadwerkelijk geleverd wordt. In veel economische systemen is het omgekeerde ingebouwd: eerst de prestatie, dan de beloning. Dit minimaliseert risico’s en zorgt ervoor dat iedereen een prikkel heeft om bij te dragen.
Toch is er een beweging die zegt: misschien moeten we mensen wél eerst iets geven voordat ze iets terug kunnen doen. Denk aan basisinkomen-initiatieven, waarbij het idee is dat mensen zonder financiële stress juist beter en zinvoller kunnen bijdragen aan de maatschappij. Dat zou een fundamentele heroverweging van de relatie tussen werk en beloning betekenen.
de vergelijking lijkt een interessante paradox, toch verschillen de onderliggende principes sterk.
Maar wat als we deze gedachtegang als een gegeven zien?
Dat betekent dan dat er een fundamentele afhankelijkheid is:
- De appelboom heeft water nodig om vruchten te geven.
- De auto heeft brandstof nodig om te rijden.
- De mens heeft geld nodig om te kunnen leven.
In deze logica is het vreemd om eerst arbeid te eisen voordat iemand in zijn basisbehoeften kan voorzien. Dit impliceert dat het huidige economische systeem een kunstmatige omkering heeft gecreëerd, waarbij de mens eerst moet "bewijzen" dat hij waarde toevoegt voordat hij toegang krijgt tot middelen om te overleven.
Vanuit dit perspectief zou een systeem waarin mensen eerst krijgen wat ze nodig hebben (zoals water voor een boom of brandstof voor een auto) logischer en natuurlijker zijn. Dit raakt aan de discussie over het basisinkomen en een economie die niet draait om schaarste en controle, maar om voorzien in wat nodig is.
Ik ben er van overtuigd dat in een wereld van overvloed economieën, staten en overheden drastisch gereorganiseerd dienen te worden om in balans en in vrede en productie en verdeling van wat geproduceerd wordt, verdeelt wordt.
Deze overtuiging raakt aan fundamentele vragen over rechtvaardigheid en organisatie van de samenleving. In een wereld waarin technologie en automatisering steeds meer mogelijk maken, is het logisch om productie en verdeling anders te organiseren, zonder de kunstmatige schaarste die nu vaak wordt gecreëerd.
Het "verdeel en heers"-principe en het "eigen volk eerst"-vormen obstakels voor het creëren van een mondiale samenleving gebaseerd op samenwerking en rechtvaardige verdeling. Op de website van "Van Onbepaalde Waarde" wordt een visie gepresenteerd voor een ideale samenleving waarin verantwoordelijkheid voor natuurlijke mechanismen en menselijke behoeften centraal staan. Deze benadering benadrukt het belang van synergie boven fragmentatie, en stelt dat het "verdeel en heers"-principe geen plaats meer heeft in de moderne maatschappij.
Het herzien van onze economische en sociale structuren met een focus op samenwerking en gedeelde verantwoordelijkheid kan bijdragen aan een meer harmonieuze en rechtvaardige wereld. Dit vereist een fundamentele verschuiving in denken en handelen, waarbij we afstappen van verdeeldheid en prioriteit geven aan het collectieve welzijn.

